EU Biodiversity
Corridors
Het project heeft tot doel de Europese ecologische corridors te identificeren en met elkaar te verbinden om het behoud van biodiversiteit te verbeteren.
Doel
Beschermde gebieden en de ecologische verbindingen ertussen vormen de ruggengraat van het behoud van biodiversiteit, omdat ze geschikte ruimten bieden voor wilde soorten om zich voort te planten, te rusten en te voeden, en de zogenaamde natuurlijke continuïteit garanderen, d.w.z. het vermogen om ecosysteemdiensten te leveren.
Vandaag de dag zijn de belangrijkste gebieden voor ecologische connectiviteit gevangen in een matrix, veroorzaakt door antropogene impact, wat leidt tot een afname van hun biologische waarde.
Bovendien eindigen door de EU gefinancierde onderzoeksprojecten over ecologische connectiviteit vaak met een reeks kaarten en aanbevelingen die slechts zelden in de praktijk worden gebracht.
De EU-biodiversiteitsstrategie 'De natuur terugbrengen in ons leven', die is goedgekeurd door het Europees Parlement, heeft twee belangrijke doelen die tegen 2030 gerealiseerd moeten zijn: het doel om de staat van instandhouding te verbeteren en de bescherming van 30 procent van het EU-grondgebied (waarvan 10 procent strikt beschermde gebieden).
De EU noemt expliciet het Trans-Europese Natuurnetwerk, dat versterkt en verbeterd moet worden. Om de verbetering van de status van 30% van de soorten en habitats genoemd in de Habitatrichtlijn te bereiken, wordt benadrukt hoe dringend het is om belangrijke knooppunten van het ecologische netwerk en al zijn verbindingen te identificeren, om ze zo goed mogelijk te beschermen.
Het doel was om een grootschalige wetenschappelijke studie te ontwikkelen om de belangrijkste Europese ecologische corridors te definiëren, waardoor het ook mogelijk wordt om concrete projecten te definiëren en te initiëren om gefragmenteerde habitats met elkaar te verbinden.Via deze wetenschappelijke studie zal het vervolgens mogelijk zijn om publieke en private middelen te mobiliseren om de effectieve implementatie te garanderen van de maatregelen die nodig zijn om het evenwicht van de biodiversiteit te herstellen.
Vanuit het algemene beeld van de gedetailleerde kaarten die werden geproduceerd, werd daarom een Europees netwerk van de belangrijkste biodiversiteitscorridors geïdentificeerd dat als richtlijn kan dienen en dus ook een bruikbaar politiek nut heeft in de natuurherstelwetgeving. In het bijzonder is deze extractie een echt 'skelet van connectiviteit' (centraliteit) dat de veerkracht van biodiversiteit kan garanderen, zelfs in het geval van extreme gebeurtenissen, klimatologische omwentelingen, etc., maar dat ook haalbaar is (en dus niet slechts een theoretische kaarthypothese blijft, onmogelijk te implementeren), en waarop ook prioriteitsgebieden voor interventie (gap-analyse) werden geïdentificeerd.
Dit project heeft ons dus in staat gesteld en zal ons in staat stellen om te ontwikkelen:
-
Een uitgebreide analyse van het huidige trans-Europese natuurlijke netwerk
(stand van zaken en systematisering van alle bestaande studies).
-
Een nieuwe kartering van biodiversiteitscorridors op Europese schaal
met identificatie van barrières en prioriteitsgebieden voor actie voor connectiviteit en behoud, waardoor het ecologische netwerk veerkrachtiger wordt.
-
Contextualisering van de resultaten en concrete voorstellen voor actie
bij de uitvoering van de bovengenoemde kaart, het opstarten van acties op geselecteerde proeflocaties (project aan de gang in Duitsland), met de ontwikkeling van technische richtsnoeren - voor de overdracht van activiteiten naar het hele trans-Europese ecologische netwerk - die door de lidstaten moeten worden gebruikt voor het ontwerp van hun respectieve actieplannen die tegen 2026 moeten worden ingediend in overeenstemming met de Natuurherstelwet.
-
Sociaal-economische analyses
om de kosten en baten van herstel-, instandhoudings- en beheersmaatregelen voor habitats te bepalen.
-
Een beoordeling van financieringsopties
voor interventies in de geïdentificeerde gebieden, en betrokkenheid van nationale en internationale instellingen - evenals andere organisaties in alliantie - voor de identificatie van de meest geschikte wetgevende instrumenten om ze in individuele landen te implementeren in overeenstemming met de Natuurherstelwet.
DUUR
1 jaar (verlengbaar tot 5 jaar) vanaf 01.04.2023
ONZE INVESTERING
€ 175.328,00
EU Biodiversity Corridor
Belangrijke ontwikkelingen in het onderzoek naar potentiële Europese ecologische macro corridors, van 2023 tot 2024. Gebruik de pijlen of de balk hieronder om te navigeren.
Belangrijkste wetenschappelijke resultaat
Het onderzoek levert een theoretische kaart op van potentiële Europese macrocorridors (verbindingszones), gebaseerd op 595 SACA1-gebieden van meer dan 10.000 hectare, die via een weerstandsmatrix met elkaar zijn verbonden. Het model identificeert 1.625 mogelijke verbindingen, met een totale lengte van meer dan 105.000 km, en benadrukt ook de rol van grote riviersystemen en infrastructurele barrières.
Eindrapport en systematisering van de methode
In april wordt het rapport “Ecological Connectivity in Europe - Structural analysis at macro-regional level: Potential EU macro-corridors” afgerond en gedeeld. In het rapport worden de methode, de datasets, het CSI-model, de SACA-classificatie, de weerstandsmatrix, de analyse van potentiële ecologische verbindingszones, de barrièreanalyse en de netwerkcentraliteit uiteengezet.
Afronding van de analyse van de macrocorridors
In maart wordt de analyse van de potentiële macrocorridors afgerond en gepubliceerd. Daarnaast worden er verdere analyses uitgevoerd op basis van dezelfde cartografische gegevens, om de overgang te bevestigen van een eerste model naar een uitgebreider en praktischer kader voor de interpretatie van de ecologische verbondenheid in Europa.
Validatie en verfijning van de analyse
Begin 2024 wordt de conceptkaart van de potentiële macrocorridors toegelicht en gedeeld met Fondazione Capellino. Deze verfijning wordt verder doorgevoerd door middel van barrièreanalyses en beoordelingen van de manier waarop prioriteit kan worden gegeven aan de geïdentificeerde verbindingszones. Deze fase moet de kaart niet alleen beschrijvend maken, maar ook bruikbaar voor het lezen van de kritieke punten van het toekomstige Europese ecologische netwerk.
Ontwikkeling van de analyse van potentiële macrocorridors
In het vierde kwartaal wordt de analyse van de potentiële macrocorridors uitgevoerd. Het project gaat van de ecologische connectiviteitskaart over naar de ontwikkeling van een theoretisch netwerk van verbindingen tussen de belangrijkste Europese natuurgebieden, waarbij gebruik wordt gemaakt van de weerstandsmatrix en het principe van de goedkoopste routes. De analyse zal in december worden afgerond en opgeleverd.
Afronding van de eerste Europese analyse
De CSI-analyse en de analyse van ecologische barrières op Europees niveau zullen in september worden afgerond. De focus van de werkzaamheden zal daarom verschuiven van het enkel beoordelen van de toegankelijkheid van het landschap naar het toetsen van de analyse van de verbindingszones.
Dataverzameling en eerste runs van het Europese model
Tijdens het zomerkwartaal vordert het cartografische werk: de benodigde gegevens worden verzameld, de waarden van de indicatoren voor het CSI-model worden vastgesteld en de eerste runs op Europese schaal worden uitgevoerd.De resultaten zullen worden gedeeld met de wetenschappelijke beoordelaars om de indicatorwaarden te kalibreren en de identificatie van de belangrijkste gebieden die ecologisch verbonden moeten worden, te verbeteren.
Betere inzichten in interventiegebieden en verbindingszones
In juni worden verdere tests van het CSI-model uitgevoerd, met classificatie van de gebieden volgens de SACA-aanpak. Deze stap maakt het mogelijk om gebieden met een hogere waarde voor verbinding, mogelijke interventiegebieden en de belangrijkste barrières voor ecologische continuïteit beter te onderscheiden.
Start van het GIS-werk en opzet van het model
Het project gaat nu de technische en wetenschappelijke fase in met de keuze voor de GIS-aanpak, de eerste tests van het CSI-model en het in kaart brengen van het Europese ecologische netwerk. Het doel is een cartografisch kader te ontwikkelen waarmee de belangrijkste gebieden voor ecologische continuïteit, de barrières en de mogelijke verbindingen tussen grote natuurgebieden in kaart kunnen worden gebracht.