RE Community

Mensen voeden zonder de planeet te verslinden. De uitdaging van het regenereren van Villa Fortuna

Geschreven door Stichting Capellino | 8-jun-2026 8:00:01

In de heuvels van Monferrato bewijst een proefboerderij dat het produceren van voedsel en het beschermen van biodiversiteit geen tegenstrijdige doelen zijn. Maar er is nog een lange weg te gaan, vooral omdat er geen kant-en-klare formules zijn.

De heuvels van Monferrato, in Piemonte, vormen een prachtig landschap dat een UNESCO-erfgoedstatus heeft. Maar onder dit pitoreske plaatje liggen, in de bodem, de littekens van tientallen jaren intensieve landbouw.

Dit is geen uitzondering. Het extensieve landbouwmodel van de tweede helft van de 20e eeuw, geboren uit de zogenaamde Groene Revolutie, toont vandaag al zijn grenzen. De schade die het aanricht tonen zich in de uitputting van de bodem en het verlies van biodiversiteit. Maar alternatieve technieken worden maar moeilijk omarmt door de sector en lijden onder de concurrentie van de traditionele markt.

Daarom heeft de stichting Capellino ervoor gekozen om te investeren in het project Regenerating Villa Fortuna (RVF), een boerderij die verder gaat dan biologische landbouw en een laboratorium wordt waar de hypothese wordt getest dat voedsel kan worden geproduceerd zonder de natuur te vernietigen die dat mogelijk maakt. Een project dat zich nog in de beginfase bevindt en  zonder uitdagingen is – maar juist daarom is het zo belangrijk. - maar juist daarom belangrijk.

Het land dekoloniseren

Het landbouwmodel van de tweede helft van de 20e eeuw behandelde het land als een oppervlak dat moest worden gedomineerd: kunstmest, pesticiden, kilometerslange monoculturen. Een systeem dat de opbrengsten vermenigvuldigde maar de lucht en het grondwater vervuilde en leidde tot het lokale uitsterven van honderden soorten.

RVF beschouwt daarentegen het veld als een complex ecosysteem dat moet worden hersteld en beschermd. Zelfs in zulke mate dat van de 22 hectare die het landgoed groot is, er slechts 7 bestemd zijn voor landbouwproductie terwijl de andere 15 zijn teruggegeven aan bos en fauna, met een totaal verbod op jagen en het betreden van het gebied door de mens.

Dit is biodiverse landbouw, een variant van regeneratieve landbouw, die biodiversiteit integreert in het landbouwsysteem. Boomgaarden in agrobosbouw, experimentele biologische wijngaarden, bodems die worden bemest met zelf geproduceerde compost en regenwormen in plaats van synthetische chemicaliën: het doel is om schoon te produceren en te laten zien dat biodiversiteit geen onwelkome gast is, maar de oudste vruchtbaarheidsreserve die er bestaat.

Het is een keuze die velen als economisch irrationeel zouden beschouwen.

Maar zelfs het dominante landbouwmodel leeft niet in een vacuüm: de Europese landbouw heeft bijvoorbeeld decennialang geprofiteerd van aanzienlijke overheidssteun via het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid. Juist omdat die economische middelen van ons allemaal zijn, is de vraag die we moeten stellen: welke landbouwvorm willen we steunen, welk systeem levert het grootste collectieve voordeel op in ruil voor die economische steun?

De uitdaging van Regenerating Villa Fortuna ligt dan ook in het vinden van een wetenschappelijk onderbouwd en in de praktijk getest antwoord op deze vraag.

Is het mogelijk om negen miljard mensen te voeden zonder de planeet op te eten?

Van waterretentie tot de microbiële vitaliteit van de bodem, van de balans tussen roofdieren en parasieten tot weerstand tegen klimaatverandering, het sleutelwoord van RVF is 'experimenteren'.

Een experiment dat - terwijl het zich bewust is van de variabiliteit van microklimaat en bodemtype - een repliceerbaar protocol wil worden, wetenschappelijk gevalideerd en overdraagbaar naar andere contexten.

Een concrete bijdrage aan een brandende vraag: is het mogelijk om bijna negen miljard mensen te voeden zonder de planeet te consumeren die hen herbergt?

Het antwoord van Villa Fortuna is nog niet definitief. Niemand kan nu zeggen of een dergelijk model op grote schaal kan worden toegepast, of welke compromissen daarvoor nodig zijn. Maar dat is precies wat het project probeert te testen.

De motor is een re-integratieve economie

Stichting Capellino is niet de eerste die hiermee wil experimenteren. Maar de bottleneck is vaak kapitaal. Experimenteren kost veel en levert weinig (of geen) rendement op in economische termen. Hier schiet het economische model, dat de activiteiten van de hele stichting ondersteunt, echter te hulp.

Achter RVF zit opnieuw de Reïntegratie Economie: de stichting Capellino, 100% eigenaar van Almo Nature, investeert de winst volledig in haar missie, namelijk het behoud van biodiversiteit.