RE Community

Grote droogte in de Donau: de natuur herstellen betekent een nieuw evenwicht creëren

Geschreven door Admin | 16 sep 2026 07:33:28

De grote droogte die het Donaubekken deze zomer van 2026 heeft getroffen, eindigt niet met de omslag naar herfstweer.

Eind augustus was het waterpeil langs de grens tussen Roemenië en Bulgarije gedaald tot ongeveer 1.600 kubieke meter per seconde, normaal gesproken staat het waterpeil deze maand op gemiddeld 3.900. En in de eerste dagen van september registreerden verschillende waterpeilmeters langs de Donau nog steeds waarden onder de referentiedrempels voor laagwater.

Maar het peil van de grote rivier is slechts het meest zichtbare deel van het probleem. Als het waterpeil daalt, veranderen ook de omstandigheden in wetlands, veengebieden, weiden en kleine waterlopen die samen het ecosysteem van het stroomgebied vormen. En het kan gebeuren dat habitats die pas een paar jaar eerder zijn aangelegd of hersteld, niet meer de functie kunnen vervullen waarvoor ze bedoeld waren.

EEN OVERZICHT:
    • Door de droogte van de zomer van 2026 staat het waterpeil van de Donau uitzonderlijk laag en de gevolgen daarvan zijn in september nog steeds zichtbaar.
    • In het Beierse dal van de Große Laber zorgen de hitte en het watertekort er nu al voor dat sommige herstelmaatregelen moeten worden herzien, vooral voor amfibieën, wetlands en weiden.
    • Een ecosysteem herstellen in een veranderend klimaat betekent niet per se dat het gebied moet worden teruggebracht naar de staat waarin het verkeerde voor de droogte: het betekent dat het opnieuw moet worden ingericht zodat het zich kan blijven aanpassen en evolueren.

Als een habitat niet meer goed functioneert

De Große Laber is een zijrivier van de Donau die door het Duitse Neder-Beieren stroomt. Hier werken Fondazione Capellino en Deutscher Verband für Landschaftspflege (DVL) samen in een project om leefgebieden langs de rivier te herstellen en met elkaar te verbinden. Ze richten zich daarbij op moerasgebieden, soortenrijke weiden, waterlopen en veengebieden, en creëren nieuwe leefgebieden voor bedreigde soorten. Het project richt zich nu op een corridor die, als ‘ie helemaal wordt uitgebouwd, de samenvloeiing met de Donau moet bereiken.

Een van de soorten waarvoor het leefgebied wordt verbeterd is de Europese boomkikker. Om de voortplanting te bevorderen, worden er kleine, visvrije poelen aangelegd of hersteld, waar het water lang genoeg moet blijven staan zodat de amfibieën de eerste fasen van hun levenscyclus kunnen doorlopen.

De droogte van 2026 heeft de uitgangssituatie echter veranderd. In het voorjaar zijn veel van de gemonitorde poelen te vroeg opgedroogd. De poelen die het meest aan de zon waren blootgesteld, verloren snel hun water, terwijl andere kleine poelen dankzij bomen, struiken en schaduw het water langer konden vasthouden.

Dit betekent dat deze habitats op papier bestaan, maar op dit moment niet in staat zijn om hun ecologische functie te vervullen.

Daarom worden sommige van de geplande oplossingen nu herzien. Het is niet genoeg om gewoon een nieuwe poel te graven: er moet worden gekozen waar die worden aangelegd, uitgezocht hoe lang het water erin blijft staan en kijken welke rol de omringende begroeiing speelt. Hetzelfde geldt voor veengebieden en wetlands, waar de maatregelen erop gericht zijn om water beter vast te houden en het verlies ervan te verminderen.

En de druk van de droogte blijft ook zichtbaar in de laatste updates uit het veld. Eind augustus vond DVL veel minder moerassprinkhanen in de gebieden die als bronpopulatie worden gebruikt, vermoedelijk vanwege de extreme droogte in de lente en zomer. Om de populatie niet nog verder te verzwakken, zijn er slechts 50 nieuwe exemplaren overgebracht.

In dezelfde periode was de toestand van de weiden in Straubing-Bogen zo aangetast door de droogte dat technici ook moesten afzien van het geplande verzamelen van zaden. Het project voert dus niet zomaar een vooraf vastgesteld plan uit. Het kijkt naar hoe de ecosystemen reageren en past de maatregelen daarop aan.

Restaureren betekent niet dat de tijd wordt teruggedraaid

We zijn gewend om natuurherstel te zien als een terugkeer: een bos, een moeras of een grasland weer opbouwen en proberen ze terug te brengen naar de conditie van vóór de aantasting.

Maar wat gebeurt er als het klimaat ondertussen verandert?

Als de temperaturen stijgen, de neerslag verandert en droogteperiodes vaker voorkomen, is het niet genoeg om een habitat terug te brengen naar de staat waarin het verkeerde voor het gebied werd aangetast om het opnieuw goed te laten functioneren. In sterk veranderde systemen kan herstel zelfs nieuwe opstellingen vereisen die de verloren ecologische functies onder de huidige omstandigheden weer kunnen herstellen.

Dat is precies wat er langs de Große Laber gebeurt. Schaduw creëren in een moerasgebied, water langer vasthouden, een veengebied herstellen of een netwerk van onderling verbonden leefgebieden aanleggen: dat zijn geen losstaande maatregelen. Ze zijn bedoeld om de omstandigheden te herstellen waarin soorten een toevluchtsoord kunnen vinden, zich kunnen voortplanten, zich kunnen verplaatsen en op veranderingen kunnen reageren.

De stabiliteit van een ecosysteem is dus juist afhankelijk van verandering.

 

Populaties groeien en krimpen, soorten verplaatsen zich, waterlopen veranderen het landschap, droogte en overstromingen zorgen voor veranderingen. Waar het om gaat, is dat het systeem genoeg ecologische capaciteiten behoudt om te blijven functioneren, zich aan te passen en te evolueren.

De grote droogte van de Donau maakt deze uitdaging extra duidelijk. De natuur herstellen in een veranderend klimaat betekent niet dat er een momentopname uit het verleden moet worden nagebootst. Het betekent dat de natuur de omstandigheden terug krijgt die nodig zijn om een nieuw evenwicht te vinden.